Nieuw visierapport focust op klimaatneutraliteit
Klimaatneutrale bouw als uitweg uit de dure gas- en stookolieprijzen
Om te ontsnappen aan onze afhankelijkheid van de steeds duurdere fossiele brandstoffen, bestaat er maar één uitweg: de uitbouw van een klimaatneutrale maatschappij. De bouw speelt daarbij een cruciale rol. Alleen al de gebouwen dragen voor zo’n 40 % bij tot de totale CO2-uitstoot. De Vlaamse bouw omarmt deze evolutie naar klimaatneutraliteit ten volle. Dat Embuild Vlaanderen besloten heeft om hier een visierapport aan te wijden met de titel Op weg naar een klimaatneutrale Vlaamse bouw, is hiervan het zoveelste bewijs. Dat nieuwe visierapport stelt Embuild Vlaanderen vandaag 13 oktober voor om 18.00 u in Brussel. Bekijk hieronder de teaser!
Uit onderzoek is gebleken dat de bouwsector wel degelijk klimaatneutraal kan worden. Dat is mogelijk door op grote schaal de bouwschil van gebouwen te verbeteren door renovatie of nieuwbouw, door over te schakelen op hernieuwbare energie, door technische installaties te vernieuwen en door gebruik te maken van gerecycleerde en koolstofvrije bouwmaterialen. Ook de geoptimaliseerde integratie van installaties in slimme gebouwen, de bijdrage van de bouw tot CO2-absorberende ecosystemen en de CO2-winst die voorkomt uit fossielvrije bouwplaatsen, spelen een rol bij het klimaatneutraal maken van de bouw. Het visierapport van Embuild Vlaanderen is dieper ingegaan op elk van deze elementen.
Realisatie van een renovatiegolf
De Vlaamse overheid heeft met de invoering van een renovatieverplichting bij de overdracht van een woning een belangrijke aanzet gegeven tot de realisatie van een klimaatneutraal Vlaanderen tegen 2050. De verplichtingen zullen immers verder verstrengen totdat tegen 2040 al de overgedragen bestaande woningen een label A zullen bereiken. Embuild Vlaanderen heeft berekend dat op basis van de verkopen en van andere overdrachten die we normaliter tegen 2050 kunnen verwachten, 100 % van de bestaande woningen zullen gerenoveerd geraken.
Onder druk van de fors hogere energieprijzen, waarvan Embuild Vlaanderen verwacht dat ze in de komende jaren op een hoog niveau zullen blijven, wordt de druk nog verhoogd om sneller energetisch te renoveren. Embuild Vlaanderen heeft berekend dat nieuwbouw en grondige energetische renovatie de beste bescherming vormen voor de gezinnen tegen turbulenties in zowel de financierings- en de materialen- als de energiemarkten (Klik hier voor meer info en zie tabel met berekening onderaan). De particuliere renovatieverplichting zou ook het aantal grootschalige renovatieprojecten moeten bevorderen die nu in Vlaanderen nog onvoldoende van de grond komen.
Bijdrage van slimme installaties
Om klimaatneutraliteit te bereiken volstaat het niet om de bouwschil aan te pakken. Embuild Vlaanderen gelooft ook sterk in de bijdrage van de installaties. PV-panelen, warmtepompen en batterijen worden almaar efficiënter. Belangrijke sprongen vooruit, niet alleen op het vlak van energiezuinigheid maar ook op het vlak van comfort, zijn nog mogelijk dankzij de oprichting van slimme gebouwen. In die gebouwen worden de traditioneel los van elkaar staande technieken op een digitale manier met elkaar geconnecteerd.
Bijdrage van hernieuwbare energie
Op het vlak van hernieuwbare energie merken we een snellere toename dan verwacht. In nieuwe woningen worden versneld warmtepompen geïnstalleerd. De fors toenemende elektromobiliteit zal het gebruik van hernieuwbare energie verder doen toenemen. Tegelijk moet de Vlaamse overheid haar prognoses voor zonne- en windenergie stelselmatig naar boven herzien.
De eisen die de Vlaamse overheid op het vlak van hernieuwbare energie aan gebouwen stelt en die almaar strenger worden, hebben op dit vlak al een belangrijke rol gespeeld en zullen deze trend nog versnellen. Tegelijk is de regelgeving ook een duidelijke weg naar de defossilisering van installaties ingeslagen: stookolieketels en gasaansluitingen worden gaandeweg verboden. In 2021 telde Vlaanderen 76 warmtenetten en in 2022 34 energiegemeenschappen. Hun bijdrage is nu nog relatief gering maar zal ongetwijfeld toenemen. De regelgeving op dit vlak is ook maar pril.
Bijdrage van een lagere CO2-uitstoot op het vlak van materialen
De bouwindustrie ontvouwt nu al plannen om tegen 2050 klimaatneutraal te worden en denkt daarbij aan methoden om de CO2-uitstoot bij de productie fors te reduceren. We gaan daarbij naar almaar dunnere materialen. Bij het productieproces kan dan hernieuwbare energie worden gebruikt. Op langere termijn komen technieken in het vizier die erin bestaan koolstof op te vangen en zoveel mogelijk te hergebruiken, de zogenaamde Carbon Capture & Utilization & Storage.
Tegelijk verwacht Embuild Vlaanderen veel van de circulaire bouweconomie om de koolstofvoetafdruk van de bouw terug te schroeven. Niet toevallig is 2050 ook de tijdshorizon van het nieuwste plan van OVAM voor de bouw. Daarvoor ziet OVAM de volgende twee hoofdlijnen: voor het bestaande patrimonium maximaal inzetten op ‘urban mining” en voor nieuw patrimonium werken aan circulaire materiaal- en ontwerpkeuzes. Embuild Vlaanderen werkt ook samen met vier andere partners aan een Vlaams betonakkoord met de bedoeling het circulair gebruik van beton te bevorderen en de CO2- uitstoot van beton sterk te reduceren.
Bijdrage van groene materialen, omgevingen en bouwplaatsen
Drie andere mogelijke bijdragen tot een lagere CO2, die steeds meer opgang maken, betreffen het gebruik van natuurlijke (biobased) materialen, de creatie van groene omgevingen omheen gebouwen en infrastructuren die de CO2absorberen, en de elektrificatie van werven die dan loskomen van generatoren op basis van fossiele brandstoffen.
Door de combinatie van al de voormelde maatregelen zal de bouw er effectief toe kunnen bijdragen om tegen 2050 klimaatneutraal te worden. Om deze transitie te realiseren moeten wel een aantal randvoorwaarden vervuld zijn.
Belang van een gedigitaliseerde bouw
Om energieneutraliteit te bereiken zal de digitalisering in de bouw een belangrijke rol spelen. Illustratief in dit verband is het gebruik van BIM (Building Information Modelling). BIM is immers een nuttig instrument om slimme gebouwen aan te sturen en om zo energiezuinige en fossielvrije gebouwen te realiseren.
Meerwaarde bevorderende overheidsopdrachten
Van groot belang is ook de bereidheid van de overheid om via haar opdrachten ten volle gebruik te maken van de mogelijke toegevoegde waarde van de bouwbedrijven op het vlak van duurzaamheid en energiezuinigheid. Geleidelijk aan zien wij de Vlaamse overheid in toenemende mate gebruik maken van onderhouds- en energieprestatiecontracten en van bouwteam- en Design & Build-formules die meer ruimte bieden voor de creatieve inbreng van aannemers.
Afwegingskaders creëren
Om ecologische vernieuwingen te stimuleren vraagt Embuild Vlaanderen aan de overheid vooral om ontwikkelingskaders te creëren. Zo moet de overheid voor een terrein of site de te bereiken ecologische doelstellingen vastleggen maar niet in detail bepalen op welke manier die moeten worden bereikt, als het groene, blauwe en energetische peil voor het geheel maar wordt gehaald. Het afwegingskader voor biodiversiteit en het groenblauwpeil die in het visierapport worden vermeld, wijzen hiervoor de weg.
Betaalbaarheid en financierbaarheid
Op financieel vlak rijst als eerste vraag of de transitie naar klimaatneutraliteit betaalbaar zal zijn voor de burgers en andere opdrachtgevers. Een tweede vraag betreft de mate waarin banken en bedrijven zullen willen investeren in duurzame projecten. Langs de vraagzijde is het positief dat de huidige Vlaamse regering aan de renovatiegolf een impuls van 1 miljard euro zal geven. Die inspanning zal de volgende regering minstens moeten voortzetten. Aan de aanbodzijde zal de Europese taxonomierichtlijn in belangrijke mate de duurzaamheid bevorderen van de projecten die de bedrijven zullen ondernemen en die de banken nog zullen willen financieren.
Onder de gecombineerde invloed van de energetische renovatieverplichting binnen de vijf jaar na een overdracht en van het wijzigende financieringsbeleid van de banken, zullen projecten steeds meer gewaardeerd worden in functie van hun duurzaamheid en de mate waarin de gebouwen binnen de vijf jaar duurzaam zullen moeten worden gemaakt. Gebouwen die energetisch niet in orde zijn, zullen dan ook minder gewaardeerd worden, waardoor kopers niet langer in een situatie terecht zullen komen dat ze gebouwen kopen waarvoor ze in de volgende jaren niet langer de middelen meer zullen voor hebben om die energetisch efficiënt te maken.
Alhoewel in de nabije toekomst nog bijsturingen aan het beleid en het duurzaamheidsbeleid van de banken zullen moeten gebeuren, zijn de fundereringen al gelegd van een financieringssysteem gericht op de duurzaamheid van de meeste projecten. Dat neemt niet weg dat een blijvende ondersteuning voor de zwakste inkomens meer dan ooit noodzakelijk zal zijn om het voor elke Vlaming mogelijk te maken zijn maandelijkse woonlasten (aflossingen/huur samen met de energiefactuur) te kunnen betalen.