Vooral gezinnen hebben bouwgronden in handen als appeltje voor de dorst
Reactie op het persbericht van de coalitie van natuurverenigingen tegen planschaderegeling
Embuild Vlaanderen wenst te reageren op het persbericht van de coalitie van natuurverenigingen die naar het Grondwettelijk Hof trekken om de planschaderegeling in het Instrumentendecreet aan te vechten. Niet alleen wijst de bouwfederatie op het belang van een marktconforme vergoeding tegen venale waarde voor de in hoofdzaak particulieren en huishoudens die bouwgronden hebben in Vlaanderen. Ook begrijpt de bouwfederatie de sneer niet aan zijn adres over verharding. Volgens de laatste gegevens van de Vlaamse overheid neemt de verharding in Vlaanderen af. Gezinnen en inwoners van stedelijke centra en kernen vragen met aandrang om ontharding. “
Embuild Vlaanderen pleit voor een marktconforme vergoeding en rechtszekerheid voor particulieren, opdat o.a. de energietransitie bij gebouwen niet in het gedrang komt”, zegt Marc Dillen, directeur-generaal van Embuild Vlaanderen.
Marktconforme vergoeding voor bouwgronden
In Vlaanderen hebben particulieren 75% van de bouwgronden in handen. Daarbij gaat het vooral om huishoudens met één perceel als reserve voor de kinderen of als appeltje voor de dorst. Die gezinnen en eigenaars met een (snipper)perceel zijn niet het gevolg van toeval. Zij hebben geïnvesteerd, geschonken, geërfd enz. conform een juridisch kader dat al decennia schaarste in de hand werkt. Bij elke overdracht hebben de nieuwe eigenaars telkens bijdragen aan de overheid betaald op basis van de venale of marktconforme waarde. En die waarde stijgt vanwege de toenemende schaarste. Bij het aantasten van het eigendoms- of gebruiksrecht is dan ook een billijke schadevergoeding aangewezen die gelijk staat aan de venale of marktconforme waarde.
Verharding neemt af
Uit de laatste data van het Departement Omgeving blijkt dat sinds 2020 de verhardingsgraad afneemt. Een trend die zich sterker lijkt door te zetten in 2022. Zo vermindert de verhardingsgraad van 15,3 % in 2020 tot 15,1% in 2022. De laatste jaren neemt de verharding dus netto af. Hoewel er op zich nieuwe verharding was in 2022, blijkt ontharding dus de bovenhand te halen. Volgens het Departement Omgeving wordt de nieuwe verharding grotendeels gerealiseerd rondom de gebouwen en via nieuwe infrastructuur. Er wordt met name vastgesteld dat er overwegend verder wordt verhard binnen het bestaande ruimtebeslag.