Press room
29 okt 2026

Aantal leerlingen in derde graad secundair bouwonderwijs neemt licht toe

Embuild roept op om nu door te pakken in de hervorming van het bouwonderwijs

Dit schooljaar 2026-2027 telt de derde graad van het secundair bouwonderwijs voorlopig 7.293 leerlingen, terwijl dat er 7.244 waren in 2025-2026. Dat is een stijging met één procent, ondanks de verdere achteruitgang in het zevende specialisatiejaar. Na de dramatische halvering van die specialisatiejaren in 2025-2026, gaat het nu om een verdere daling met 8%. Groei is er dan weer in het BuSO, met 964 leerlingen (+6%). Ook de doorstroomrichtingen bouw- en houtwetenschappen, stomen dit schooljaar 4% meer leerlingen klaar voor een ingenieursopleiding in het hoger onderwijs.

“Deze beperkte stijging van het aantal leerlingen is meer dan welkom. We mogen hier echter niet tevreden mee zijn. De bouwsector heeft extra vakmensen en technici nodig, terwijl het leerlingenaantal sterk onder dat van tien of twintig jaar geleden ligt. Innovatieve bouwmethodes, digitalisering en artificiële intelligentie kunnen dat voor een deel opvangen, maar niet volledig. Het aantal leerlingen dat nu in het bouwonderwijs zit, volstaat niet om al het toekomstig werk gedaan te krijgen”, zegt Caroline Deiteren van Embuild Vlaanderen.
“We dringen daarom aan op een verregaande modernisering van het bouwonderwijs. Bredere richtingen die leerlingen een basis bieden om in meerdere bouwberoepen aan de slag te gaan, moeten de drempel om in te stappen verlagen en de kwaliteit van uitstromers verhogen. We vragen scholen om richtingen met weinig leerlingen niet te schrappen, maar wel slim te clusteren binnen dezelfde school en de specialisaties niet uit het oog te verliezen. Want het onderwijsaanbod in de eigen regio blijft van groot belang om voldoende leerlingen te kunnen opleiden”, voegt zij eraan toe.

Stijgers

Dit schooljaar zijn er een aantal stijgers in de derde graad van het bouwonderwijs. Het BuSO telt nu 964 leerlingen (+6%), terwijl dat er 911 waren in 2025-2026. De doorstroomrichtingen bouw- en houtwetenschappen stijgen (+4%) van 306 naar 319 leerlingen. Ook een stijging van 6% voor de richting ‘Sanitaire verwarmingsinstallaties’: van 643 naar 683 leerlingen. Ook ruwbouw gaat erop vooruit met 4%. Intussen gaat het om 513 leerlingen, terwijl het in 2025-2026 om 492 ging. Met een stijging van 5% zien we een vergelijkbare evolutie voor ‘schilder- en decoratiewerken’: van 398 naar 416 leerlingen.

Enkele kleinere richtingen noteren een sterke groei: ‘technicus hernieuwbare energietechnieken’ stijgt van 28 naar 39 leerlingen (+39%) en ‘technicus koelinstallaties’ van 54 naar 67 (+24%).

Dalers

Hoewel het 7de specialisatiejaar globaal de grootste verliezer blijft van 649 naar 598 leerlingen, is de verdubbeling van het aantal leerlingen in het specialisatiejaar ‘brandertechnicus gas/stookolie’ opmerkelijk: van 13 naar 26 leerlingen. Het aantal leerlingen ‘Technicus installatietechnieken’ neemt dan weer af van 72 naar 53.

Nog bij de dalers noteren we in de derde graad ‘Binnenschrijnwerk en interieur’: van 1670 naar 1634 leerlingen. En de opleiding ‘koelinstallaties’ van 99 naar 90 leerlingen.

Duaal verliest terrein behalve in het 7de jaar

Ook het aantal leerlingen in een duale bouwopleiding neemt licht af: 2% minder dan vorig schooljaar. Een afname van 864 naar 845 duale leerlingen. Zo is ‘Medewerker ruwbouw’ gedaald van 65 naar 44 leerlingen (−32%) en ‘technicus hernieuwbare energietechnieken’ gestegen van 15 naar 23 (+53%).

Kijken we specifiek naar het 7de jaar duaal, dan zien we een lichte stijging van 6%: van 229 leerlingen naar 242. De grootste groep zijn daar de interieurbouwers (68 duale leerlingen) gevolgd door de CNC-operatoren van houtbewerkingsmachines (40 duale leerlingen), hoewel die met 10% zijn afgenomen. Ook in het BuSO zien we een sterke stijger: ‘medewerker hout duaal’ neemt toe met 13% van 422 naar 476 in 2026-2027.

“Jongeren met een brede vakkennis die technisch sterk zijn en ervaring hebben opgedaan op onze werven en ateliers, blijven nu en in de toekomst ontzettend veel troeven hebben op de arbeidsmarkt. Een keuze voor de bouw, blijft een keuze voor de toekomst”, aldus Caroline Deiteren.

Bron: cijfers van Constructiv.